In de scriptie worden de onderwijsdoelen van het Ministerie van OCW aangehaald en worden de specifieke blindenorganisaties en hulpmiddelen genoemd. De belangrijkste conclusies en punten van aanbeveling voor muziekdocenten die een leerling met een visuele handicap les (gaan) geven zijn:

Conclusies

Iedere leerling en iedere muziekdocent is anders, dat geldt ook voor leerlingen met een visuele

beperking en muziekdocenten die hen lesgeven. Uit de beschreven praktijksituaties valt op te maken:

  • Iedere muziekdocent vindt op dit moment zelf het wiel uit/heeft het uitgevonden. Er zijn weinig ervaringen met een visueel beperkte leerling bij het vak muziek in het reguliere voortgezet onderwijs.
  • De muziekdocenten proberen allemaal de visueel beperkte leerling zo normaal mogelijk te behandelen en zo veel mogelijk mee te laten doen.
  • Het is belangrijk een overzichtelijke indeling te hebben in je muzieklokaal: een vaste plek voor instrumenten (indien de indeling verandert, aangeven) en ervoor zorgen dat er geen obstakels zijn.
  • Daarnaast speelt het verplaatsen in het lokaal een rol. Er worden verschillende manieren gebruikt: zoals een leerling kiezen die een visueel beperkte leerling begeleidt, zorgen dat een visueel beperkte leerling als eerste van plek wisselt.
  • De sociaal-emotionele ontwikkeling van de leerling met een visuele beperking speelt een belangrijke rol. Het is belangrijk dat deze leerling, ondanks dat hij/zij visuele gebaren mist, contact maakt met medeleerlingen. Een vak als muziek leent zich daar uitstekend voor, door het samenspel en werken in groepsverband.
  • De muziekdocenten van Daan en Laura hebben een groot voordeel dat de betreffende leerling een muzikale achtergrond heeft in vergelijking met de muziekdocent van Bas. Bij een visueel beperkte muzikale leerling is het mogelijk om melodieën op gehoor snel en makkelijk aan te leren. Bij een minder muzikale leerling zal dit meer tijd en aandacht van de muziekdocent in beslag nemen.
  • In alle situaties wordt Muziek op maat gebruikt als een leerlijn en wordt het materiaal niet iedere les gebruikt. Twee van de drie muziekdocenten zijn bezig met een overstap naar een andere muziekmethode: BeatsNbits of een eigen methodesite.
  • Muziek op maat wordt door de docenten niet gezien als geschikte methode voor visueel beperkte leerlingen, doordat de methode veel visueel werkt en de website niet toegankelijk is. Dit wordt zo ook ervaren door de muziekdocente van het VSO (paragraaf 3.2).

Aanwijzingen voor muziekdocenten van leerlingen met een visuele handicap

Algemeen

Informeren

  • Bespreek met de betreffende leerling de (on)mogelijkheden bij het vak muziek.
  • Laat u inlichten over de visuele beperking van de betreffende leerling door de AOB’er.
  • Overleg met collega’s hoe zij deze situatie aanpakken en wissel tips uit binnen het team.

Logistiek

  • Geef een visueel beperkte leerling vooraf of tijdens de eerste les een rondleiding door het lokaal om de leerling bekend te maken met de indeling van de ruimte.
  • Geef een visueel beperkte leerling een vaste plek in het lokaal.
  • Zorg voor een klasgenoot die een visueel beperkte leerling van en naar een plek begeleidt.
  • Visualiseer een nieuwe situatie (wie of wat staat of zit er om je heen) en geef alle veranderingen mondeling aan.
  • Zorg ervoor dat er geen obstakels (zoals krukken, tassen, lessenaars) in het pad van een visueel beperkte leerling staan.

Uitleg

  • Benoem alle non-verbale acties in een klas, zoals vingers opsteken, wijzen en uitdrukkingen.
  • Vermijd woorden als hier en daar, maar benoem de plekken in het lokaal.
  • Benoem alle aantekeningen die op het bord geschreven zijn mondeling.
  • Geef een zo beeldend mogelijke uitleg, visualiseer muzieknotatie en begrippen.
  • Wanneer het over (onderdelen van) instrumenten gaat: laat een visueel beperkte leerling voelen.

Opdrachten in het (leer)werkboek

  • Indien een visueel beperkte leerling geen aangepast materiaal van boeken heeft, verwijs de leerling door naar Dedicon.
  • Bekijk samen met de betreffende leerling welke opdrachten wel en niet te maken zijn.
  • Zorg bij eigen of aanvullend materiaal voor een versie in aangepaste leesvormen. Overleg met de betreffende leerling welke vorm het beste werkt: bijvoorbeeld digitaal, zodat het gelezen kan worden met brailleleesregel, vergrotingssoftware of spraaksynthese.
  • Houd er rekening mee dat het leestempo van leerlingen met een visuele beperking lager ligt dan dat van ziende leerlingen. Geef de betreffende leerling meer tijd om te lezen of zorg dat de leerling op tijd over het materiaal beschikt, zodat het voorbereid kan worden.
  • Bij het op het bord schrijven van huiswerk: benoem het ook mondeling.

Groepsopdrachten

  • Zorg ervoor dat een visueel beperkte leerling meegenomen wordt in het proces van groepen maken, indien van toepassing. Voorkom dat medeleerlingen groepen maken door middel van wijzen en oogcontact, wanneer zij zelf groepen mogen maken.
  • Maak groepsleden verantwoordelijk voor de taakverdeling, waarbij een visueel beperkte leerling een gelijkwaardige rol heeft in vergelijking met andere groepsleden.
  • Zorg ervoor dat er regelmatig wordt gewisseld in leerlingen die samenwerken met een visueel beperkte leerling. Zo leren meerdere leerlingen uit een klas de leerstof te verwoorden aan een visueel beperkte leerling. Daarnaast komt het ook de sociale ontwikkeling van leerlingen ten goede, door steeds met andere leerlingen samen te werken.

Toetsing

  • Zorg bij schriftelijke toetsen voor een versie in aangepaste leesvormen of neem de toets mondeling af.
  • Geef een visueel beperkte leerling bij schriftelijke toetsen meer tijd, houd er rekening mee dat het leestempo lager ligt dan bij ziende leerlingen.
  • Wanneer er vragen komen te vervallen of worden vervangen: zorg voor een aangepast correctiemodel.
  • Beoordeel een visueel beperkte leerling net als ziende leerlingen, tenzij het met bijvoorbeeld notenschrift te maken heeft.

Contact

  • Maak de afspraak met een visueel beperkte leerling dat hij/zij aangeeft wanneer er meer hulp nodig is. Bespreek regelmatig met de leerling de gang van zaken, werkt het goed of is een andere aanpak gewenst?
  • Ontwikkel de zelfstandigheid van een visueel beperkte leerling door hem/haar zelf dingen te laten ervaren en uitzoeken, zodat deze leerling niet afhankelijk wordt van anderen.
  • Maak van de betreffende leerling geen uitzondering, behandel hem/haar net zoals klasgenoten.
Zingen

Instructies

  • Benoem alle handelingen over houding, ademhaling en articulatie, zoals rechtop zitten of staan, schouders laag.
  • Geef alle inzetten zowel non-verbaal als verbaal aan, bijvoorbeeld door af te tellen.
  • Zorg ervoor dat je hoorbaar met de leerlingen mee ademt om een inzet aan te geven.
  • Benoem begrippen (bijvoorbeeld een vormbegrip als intro of couplet) mondeling en zo beeldend mogelijk, zodat een visueel beperkte leerling zich een voorstelling kan maken.
  • Geef aanwijzingen over de uitvoering (bijvoorbeeld dynamiek) zowel verbaal als non-verbaal aan.

Tekst

  • Zorg voor een vormindeling in de teksten in aangepaste leesvormen. Teksten van zangstukken uit een muziekmethode zijn te vinden in het materiaal van Dedicon, maar dit is niet ingedeeld in vorm (couplet, refrein). Zorg bij aanvullend materiaal zelf voor een digitaal bestand met de tekst.
  • Zorg ervoor bij aanvullend materiaal dat een visueel beperkte leerling tijdig over de tekst beschikt, zodat de leerling de teksten vooraf kan oefenen, omdat het leestempo lager ligt dan dat van ziende leerlingen.
  • Geef duidelijke instructies over vorm en benoem deze tijdens het zingen van een stuk, zodat ook een visueel beperkte leerling bekend wordt met termen als couplet en refrein die ziende leerlingen op hun blaadje zien staan.

Toetsing

  • Beoordeel een visueel beperkte leerling hetzelfde als klasgenoten wat betreft zanghouding, articulatie en ademhaling, wanneer dit op bovenstaande manier is uitgelegd.
  • Houd er rekening mee dat een visueel beperkte leerling liedteksten uit het hoofd moet leren, wanneer ziende leerlingen de tekst erbij mogen houden. Geef een visueel beperkte leerling bijvoorbeeld meer tijd om de liedteksten te leren.
  • Toets de vormbegrippen mondeling en auditief in plaats van schriftelijk aan de hand van notenschrift.
  • Wanneer er gebruik gemaakt wordt van braillenotenschrift:
    Toets de vormbegrippen en herhalingstekens bij zangstukken in braillenotenschrift.
Spelen

Instructies

  • Benoem alle begrippen (zoals motief) mondeling en zo beeldend mogelijk, zodat een visueel beperkte leerling zich een voorstelling kan maken.
  • Zorg voor een digitale versie van begrippen in speelstukken (zoals dal segno al coda), zodat een visueel beperkte leerling het op een laptop kan lezen.
  • Laat een visueel beperkte leerling onderdelen van een instrument voelen om een indruk te krijgen van het materiaal en de grootte van het instrument.
  • Kies een medeleerling die een visueel beperkte leerling van en naar het instrument begeleidt.
  • Geef alle inzetten van een speelstuk zowel verbaal als non-verbaal aan, bijvoorbeeld door af te tellen.

Instrument

  • Kies een instrument uit dat overzichtelijk is voor een visueel beperkte leerling, zoals een keyboard of piano. Deze instrumenten zijn contrastrijk, tastbaar en overzichtelijk ingedeeld. Het bespelen van bijvoorbeeld een marimba is lastiger, omdat hierbij met stokken gericht moet worden en er geen direct contact met het instrument is.
  • Benoem notennamen op een toetsinstrument beeldend, bijvoorbeeld de toets links naast het groepje van drie zwarte hoge toetsen is een f.
  • Leer speelstukken auditief en motorisch aan bij een visueel beperkte leerling door speelstukken veel te herhalen.
  • Laat leerlingen elkaar helpen bij het aanleren van speelstukken. Een klasgenoot kan een visueel beperkte leerling helpen door samen te oefenen, waardoor een visueel beperkte leerling het speelstuk auditief en motorisch aanleert. Deze klasgenoot leert tevens verwoorden wat hij/zij geleerd heeft en leert het uit te leggen aan een visueel beperkte leerling. Een muziekdocent heeft hierbij een coachende rol.
  • Zorg voor een overzicht in reliëf van notennamen op een toetsinstrument, zodat een visueel beperkte leerling ook zelfstandig kan oefenen.
  • Laat een leerling kennismaken met een (bas)gitaar door te voelen om afstanden in te schatten.
  • Zorg voor een overzicht in reliëf van akkoorden op een gitaar, indien mogelijk met vingerzetting.

Bodypercussie

  • Benoem hoe een handeling uitgevoerd moet worden, zoals rechtervoet optillen en stampen op de grond, in plaats van voor- en nadoen.
  • Laat een visueel beperkte leerling een bodysound voelen, beweeg bijvoorbeeld de vingers van deze leerling om een vingerknip te laten ervaren.

Toetsing

  • Beoordeel een visueel beperkte leerling net als ziende leerlingen bij bodypercussie, wanneer dit op bovenstaande manier is uitgelegd.
  • Toets kennis over o.a. maatsoorten, notenwaarden en rusten mondeling en auditief in plaats van schriftelijk vanuit notenschrift.
  • Houd er rekening mee met toetsing van speelstukken dat een visueel beperkte leerling het speelstuk auditief en motorisch uit het hoofd zal moeten leren. Geef indien nodig extra oefentijd.
  • Toets kennis over instrumenten auditief in plaats van met afbeeldingen.

Wanneer er gebruik wordt gemaakt van braillenotenschrift:

  • Toets kennis over o.a. maatsoorten, notenwaarden en rusten in braillenotenschrift. Houd er rekening mee dat dit systeem anders werkt: er wordt bijv. geen notenbalk gebruikt.
  • Toets een visueel beperkte leerling op het lezen van noten in braillenotenschrift.
  • Toets een visueel beperkte leerling op kennis van muzikale tekens in braillenotenschrift door deze te laten tekenen op een reliëf tekenbord.
  • Houd er rekening mee met toetsing van speelstukken dat een visueel beperkte leerling het speelstuk vanuit braillenotenschrift uit het hoofd zal moeten leren, wat meer tijd in beslag neemt.
Luisteren
  • Zorg voor aangepaste opdrachtbladen in aangepaste leesvormen bij luisterfragmenten.
  • Benoem begrippen bij luisterfragmenten zo beeldend mogelijk.
  • Maak grafische notatie in opdrachten voelbaar door middel van reliëf (bijvoorbeeld op een reliëf tekenbord).
  • Laat een visueel beperkte leerling een instrument voelen wanneer andere leerlingen een afbeelding bekijken in combinatie met een geluidsfragment.
  • Laat een visueel beperkte leerling een ritme uit een geluidsfragment reproduceren d.m.v. tikken of klappen (in plaats van noteren).
  • Zorg voor een digitale versie van begrippen (bijvoorbeeld dynamiek en tempi) die leesbaar is met hulpmiddelen op een laptop van een visueel beperkte leerling.
  • Maak luisteropdrachten gezamenlijk met behulp van luisterfragmenten van de website of laat de leerlingen in groepen hieraan werken. Dit kan ook een huiswerkopdracht zijn, waarbij de leerlingen in tweetallen na de les de luisteropdrachten op de website maken.
  • Indien een visueel beperkte leerling gebruik maakt van aangepast materiaal van een muziekmethode, wees ervan bewust dat luisteropdrachten met notenschrift niet mogelijk zijn.

Toetsing

  • Toets het herkennen en vergelijken van muzikale aspecten in geluidsfragmenten mondeling of laat een visueel beperkte leerling antwoorden op een laptop of tablet noteren.
  • Zorg voor aangepaste of vervangende opdrachten wanneer er in een luistertoets notenschrift gebruikt wordt.
  • Toets vragen met betrekking tot grafische notatie aan de hand van een tekenbord waarop een visueel beperkte leerling de afbeelding kan voelen.
  • Toets vragen die geen betrekking hebben tot het reguliere notenschrift mondeling of zorg voor een toets in aangepaste leesvorm, zodat een visueel beperkte leerling deze op laptop kan maken.

Wanneer er gebruik wordt gemaakt van braillenotenschrift:

  • Geef een visueel beperkte leerling meer tijd voor het volgen van een melodie in braillenotenschrift (speel bijvoorbeeld een geluidsfragment langzamer of vaker af), omdat het lezen in braille meer tijd in beslag neemt.
  • Geef een visueel beperkte leerling meer tijd om bijvoorbeeld een motief in braillenotenschrift te lezen, omdat het lezen in braille meer tijd in beslag neemt.
Ontwerpen
  • Maak grafische notatie bij ontwerpopdrachten voelbaar door middel van reliëf of zorg voor contrastrijke kleuren.
  • Maak zoveel mogelijk gebruik van coöperatieve werkvormen, waarbij leerlingen in groepen samenwerken. Leerlingen kunnen van elkaar leren en een visueel beperkte leerling begeleiden.
  • Wanneer een ontwerpopdracht gepresenteerd wordt aan de hand van notatie, laat een visueel beperkte leerling dit noteren (bijvoorbeeld op laptop of reliëf tekenbord) op een manier dat hij/zij het kan begrijpen en onthouden.

Toetsing

  • Laat een visueel beperkte leerling een grafische notatie tekenen op een reliëf tekenbord.
  • Beoordeel een visueel beperkte leerling bij groepsopdrachten hetzelfde als klasgenoten als het gaat om samenwerking, creativiteit en dergelijke.